Ferry Mull – Oban en een schrijfdag in een tropische baai

13 mei, dag 43. Ferry Mull – Oban en schrijfdag

Je merkt dat je hier noordelijk zit. Al voor de vijf in de klok zit, licht het op. In de avond wordt het tegen tienen donker. Je schijnt als je op de top van Ben Hope, de noordelijkste Munro, overnacht de hele nacht de zon boven de horizon te zien. Aldus app ik Carlo en Peter die deze kant uitkomen omdat ze die berg hebben geadopteerd en hem met me willen beklimmen. Ze stemmen meteen in om op de top te overnachten en nacht twee wordt in een verlaten baai.

Gezien de vroege zonsopkomst ben ik er volledig tegen gewoonte in vroeg bij. Voor achten heb ik de biezen gepakt en loop ik naar de ferry. Ik maak daar wel koffie op de kade. De ferry vertrekt echter direct dus ik bestel koffie aan boord.

Als ik zit, boek ik een bunkhouse in Oban. Een vriendin komt een paar dagen naar Oban. Ze moet werken maar wil proberen een berg mee te doen. Al voor de ferry aanmeert, heb ik de bunkhouse alweer gecancelled.

Ik raak in gesprek met een gepensioneerd stel. Ze hebben vroeger veel gezeild in Europa en spannende verhalen gaan over tafel over mist, tankers en uitgevallen motoren in gevaarlijke havens. Ze gaan naar Fort William en al snel wordt beklonken dat ik een stuk meerijd naar het noorden waar enkele verlaten Munro’s liggen aan de westkust. Het is zeg maar de achterkant van het bekende gebied rondom Glencoe. Ik kan mooi daar de komende dagen wat weggestopte Munro’s doen aan de achterkant van Schotland.

Het stel wacht me op met de Audi als ik met de voetgangers van de boot kom. Zij staat armenzwaaiend op de parkeerplaats, de schat. Alles wordt achterin gestouwd, mevrouw gaat met korte beentjes op de achterbank en ik mag voorin. Ze doen wat lunchboodschappen, tanken en daarna gaan we op pad. Hij rijdt loepzuiver en dat is prettig op de smalle weggetjes.

Ik stap uit in Creran, net na een brug, waar ik eventueel rechts Glen Creran inkan waar twee Munro’s liggen, de Beinn Sgulaird en de Beinn  Fhionniaidh. Ik zie echter verderop aan de weg een kleine camping die mooi als uitvalsbasis kan dienen dus ik loop door.

In de bocht ligt de Creran Inn, een pub met een waanzinnig terras. En zo komt het dat ik al om 11 uur met een heerlijke kop koffie in de brandende zon onder palbomen, naast cactussen, met uitzicht over een prachtige baai de krant lees. In de pub een kast met verdwaalde boeken. Ik moet dan even neuzen en vind The Long Way Round van acteurs Ewan McGregor en Charley Boorman die op motoren de wereld rondreizen. Na de krant gaat ook dit boek er doorheen. Ik zit met lijm vastgeplakt in deze oase.

En zo schrijf ik tientallen bladzijden voor het boek dat over dit avontuur verschijnt. Ook maak ik flinke vorderingen met het boek over mijn pelgrimage naar Santiago. Meer dan zes uur inspiratie in een tropische baai.

Ik informeer of ik met mijn tentje op de kleine camping mag staan maar dat weten ze niet. De camping wordt gerund door Jim en Gil. Als ik aankom bij de receptie groet ik Gil alsof ik haar al tien jaar ken. Ze wordt helemaal enthousiast als ze hoort dat ik de camping als basiskamp wil gebruiken voor een aantal Munro’s. Tot haar spijt mag ik niet met mijn tent op de camping staan, daar heeft ze geen licentie voor. Gelukkig mag ik gewoon bij haar in de tuin staan. En aldus sta ik vijf nachten bij Gil in de tuin en mag ik de faciliteiten van de camping gebruiken. Van betalen, wil ze niks weten. De tuin is overigens zo groot dat ik Gil de komende dagen waarschijnlijk niet zie…

Als de tent staat loop ik naar ‘Chippie’, een eetkar waar twee meiden fish en chips of in mijn geval worst en chips maken. Ik kijk over mijn tent naar de baai en laat het goed smaken. Mijn basiskamp is in orde. De buik is vol. Munro’s here I come!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een website of blog op WordPress.com

%d bloggers liken dit: