Trainen met team282peaks

De afgelopen weken waren druk. Gezellig druk. Mooi hoe dat werkt. Je start een groot project. Dan moet er geld op tafel komen. Normaal gesproken is december een keutelmaand voor mij als zzper. Grote organisaties willen alles in november af om er vervolgens niets mee te doen en ergens eind januari wordt werkend Nederland weer wakker. Geen werk dus voor deze Zzper in december en januari. Dit jaar is het anders. Het is de wet van de aantrekking in volle glorie, je zet ergens energie op en het komt naar je toe. Zo heb ik de afgelopen weken elektrotechnische keuringen gedaan van loodsen in het Rotterdamse havengebied, door het hele land mensen paranoia gemaakt tijdens bedrijfsuitjes, een boek geredigeerd, twee dagen in de week geklust aan een oude boerderij, een appartement opgeknapt, lezingen gegeven, sponsorafspraken afgelopen en na de kerst mag ik vier dagen opdraven om een geul op een erf te graven. Ramvol is het woord dat het beste mijn papieren – Ben Hur – agenda omschrijft. De consequentie is dat een beetje rennen er soms bij inschiet. Vanochtend heb ik dat patroon doorbroken.

Gisteravond dronk ik met huisgenoot Geert een paar biertjes na een lange werkdag. Volstrekt daas zitten we aan de bar als het briljante plan opborrelt om morgenochtend vroeg, voor mijn event in Den Haag, twee uur te gaan rennen. Start van dit plan 7.15 uur. Had ik al gezegd dat ik in de ochtend een mengeling ben van een gremlin en een ork? Als ik in de spiegel kijk op dit vroege uur ontwaar ik een gesmolten ET, Silvester Stallone is er niks bij. Je moet geen plannen maken aan een bar.

Conform het devies ’s avonds een vent, ’s morgens een vent, staan we beide uitgedost koffie te drinken om 7.11 uur. Elke minuut is er één op dit tijdstip. Geert oppert het briljante idee om een energy shot van BYE Sports Nutrition achterover te gieten bij de koffie. Vorige week hadden we een afspraak met de sympathieke Bart en Melvin van deze club die ons steunt met sportvoeding. Na de afspraak renden we door de kou naar huis met tonnen energiepoeder, sportrepen, gelletjes, magnesium shots en energy shots voor de mentale dip.

7.12 uur in de ochtend, dat is zeker een moment voor een mentale dip. We kregen de boodschap mee om alle producten maar eens te gaan testen. De shots gaan mee naar Schotland, dat is één ding dat zeker is. We gieten de flesjes in onze keel en staan vervolgens te stuiteren in de woonkamer. Het is vast een mix van allerlei verboden producten want we staan als gretige renpaarden bij de voordeur te briesen tot we uit de stal mogen.

Niet veel later staan we in volstrekte duisternis onze briljante plan te betreuren. Het is gelukkig niet koud. Dat maakt Geert sowieso niet uit, hij loopt nog in een korte broek als je oogbollen bevriezen van de arctisch kou. Ik draag een tight. Volgens Geert draag ik veelsteveel kleren. Kan me niet schelen. Ik heb geen vet op mijn kippenborst na maanden trainen voor mijn 1.001-kilometerrace en sindsdien heb ik het altijd koud. Vanochtend heb ik géén zin om het koud te hebben.

We zeggen weinig. We zijn solisten en houden van stilte in de ochtend. Geert is de eerste die de stilte doorbreekt met een slimme opmerking. Nadat zijn horloge piept dat we er een kilometer op hebben zitten, stelt hij voor terug te gaan en koffie te drinken. Vent naar mijn hart. Zijn tweede opmerking is zo mogelijk nog genialer: ‘We hadden hoofdlampjes mee moeten nemen. ‘ Het is aardedonker. Wij zijn professionele avonturiers. Zonder hoofdlampjes. Asfalt dus de eerste kilometers.

Zwijgend rennen we door wijken richting bos. Haastige fietsers alom. Chagrijnige forenzen die de ratrace vervloeken waarschijnlijk. Als ik een luide fietsbel hoor, tik ik Geert aan: ‘Speed Pedelec wedden?’ En ja hoor een stichtelijke dame rost ons voorbij op haar 500PK ros.

Zwijgend rennen we achter elkaar op het fietspad dat door het bos naar Malden voert. Geert en ik gaan vier maanden samen rennen, duizenden kilometers en honderden bergen. Dit is de eerste keer dat we echt samen trainen. Eerder maakten we een trailer van ons project en renden wat kilometers en eenmaal renden we met een zakelijke afspraak een rondje N70. Dit is de eerste keer dat we echt samen trainen. Training één is een feit.

Resteert de vraag hoe dat bevalt. Heel soms stuit je in je loopleven op het perfecte loopmaatje. Ik heb die connectie met collega trailrunner en trainer Hans Dickhout. We renden een aantal trails samen op waaronder de befaamde Dutch Coastal Trail by Night. We konden urenlang in dezelfde cadans langs een zilvergekleurde zee rennen die glinsterde onder een volle maan. Magisch. Ik heb het met Running Essie, loopster met een baanachtergrond. We kunnen samen twee uur door het bos kringelen op hoog tempo alsof we één zijn.

Dat heb ik met Geert. We zijn beide 1.82 meter en allebei gedrild door strenge trainers. Bij Geert was het Peter en kom uit de stal van trainer Mustafa die me bij Leiden atletiek drilde en duizenden loopscholingsoefeningen liet doen. Alle loze torsie eruit, alle bewegingen gericht op voorwaarts, alle inefficiëntie eruit gesloopt, borst naar voren, kruin naar de hemel, armen in perfecte hoek inzetten als pompen en reflectief lopen.

Wij kunnen uren naast elkaar rennen (extrapolatie want nog nooit gedaan maar met aan zekerheid grenzende kans) in exact dezelfde cadans en met exact dezelfde armzwaai. Strava wijst het uit: mijn gemiddelde cadans 172, Geert 171. We lopen zelfs zo in cadans door de nacht dat ik soms moet omkijken of hij nog volgt, zijn passen vallen weg in de mijne. We are one. Het is niet verwonderlijk als je bedenkt dat we beide honderden uren door Europa hebt gerend met bepakking. Rennen met een rugzak maakt dat je cadans tendeert naar de ‘perfecte’ 180 waarbij je een vliegwiel benadert en zo weinig mogelijk met je zwaartepunt devieert van de ideale, vloeiende lijn. Snap je het nog? In goed Nederlands: Als je te grote passen neemt en je cadans laag is, kom je teveel los van de grond, waarna je hard landt en klappen op al je gewrichten te verduren krijgt. Geert en ik zijn onbewust naar de 180 gegaan omdat lopen met een rugzak je daartoe dwingt. Ofwel discipelen draagt zo nu en dan eens een rugzak, het is goed voor u. Ook iets erin doen, kilo of zeven.

Ik moet denken aan het boek van Haruki Murakami ‘Waarover ik praat als ik over hardlopen praat’. Stiekem is hardlopen zoveel meer dan de ene voet voor de ander. Er kont zoveel techniek bij kijken. Fietsvrienden zijn wel eens verbaasd als ik zeg dat ik er zo een dag mee kan vullen. Dat gezegd hebbende zie je als trainer soms mensen lopen van wie je pijn aan je oogbollen krijgt. Plaatsvervangende pijn bij het zien van zwikkende enkels, krakende knieën, piepende heupen en uiteenspattende meniscussen. Sommige lopers beschadigen het asfalt en zouden wegenbelasting moeten betalen. Of een paar looptrainingen volgen met oog op behoud van het vege lijf.

Dat gezegd hebbende is deze training ondanks het volstrekt achterlijke tijdstip een ervaring om euforisch van te worden. We draven door de nacht in totale ontspanning. Via Malden pakken we het fietspad richting het zweefvliegveld. Dan is het genoeg voor Geert: ‘Rechtsaf de hei op, ik ben dat asfalt zat!’ De trailrunner in ons is ook ontwaakt. Of zoals Hans Dickhout altijd zegt: ‘Ik ren alleen nog op asfalt als de weg is opgebroken.’ Een wijs mens.

Via de heide kringelen we terug naar het bos. Dan een facet dat Geert en ik ook delen: ego of testosteron, zo je wilt. Eenmaal in het bos ontstaat een haasje-over spelletje. Om beurten de kop. Geert klimt iets pittiger, ik daal wat onbezonnener en eenmaal aan kop net het gas iets verder open. Onschuldige plaagstootjes om de ander te testen. We rammelen over smalle single tracks, draaien soepel bochtjes, dansen door de halfschemer. Een testosteron-gedreven duurloopje. Eenmaal bij het spoor grijnst Geert: ‘We moeten toch eens afspraken maken. Dat tempo moet eruit.’ Inderdaad is dit niet het spelletje dat we vier maanden gaan doen. Dan blijft er niets van ons over.

Totaal high van de endorfine draven we terug door de wijk. Ik ben bijzonder content dat dit kadaver zich zo goed houdt. Tijdens mijn laatste snelle trail, Molenhoeks Makkie, gaf ik serieus gas en liep ik een blessure op aan de achillespees. Nog steeds is hij wat gezwollen. Ik bezocht vorige week trailrunner Thomas Dunckerbeck die zich tevens ontpopte als een kundig fysiotherapeut. Hij bevoelde de pees en constateerde dat het leed slechts oppervlakkig was. Het lijf stuurt handige eiwitten naar een ontsteking om te helen. Als de kwetsuur geheeld is, blijven nog wat eiwitverklevingen achter, zie het maar als een eitje bakken waarna het stolt, en die veroorzaken de zwelling. Door te pulken aan de huid, pinchen, activeer je de afvoer van een en ander. Hij doet het voor en het voelt alsof hij met hete naalden in de huid port, maar na afloop is de pees al zichtbaar dunner en minder gevoelig. Dit is overigens mijn pseudo-intelligente analyse van zijn verhaal dat verstoken was van bloemrijke Latijnse spierbenamingen die ik niet kan reproduceren. Het resultaat is hetzelfde. Een zalige, pijnvrije training. De eerste van team282peaks.

Eén reactie op “Trainen met team282peaks”

  1. Goed bezig jullie twee 🎶🎶🎶

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: