Van 16 juni tot 1 juli ben ik in Nederland. Mensen die mij kennen houden alle kranten en tijdschriften voor mij vast. Ik mag lezen en mijn hersenen voeden. Ik lees een boeiend artikel in de Volkskrant (6 mei) getiteld ‘Vrij hebben is iets anders dan vrij zijn.’ De kernvraag is wat vrijheid is. ‘Rijk genoeg zijn om zo min mogelijk zelf te hoeven doen, wordt door veel mensen gezien als de ultieme vrijheid, constateert Bert Natter. Maar door alles waar je geen tijd aan wilt besteden uit handen te geven, geef je zelf je vrijheid op.’
Een interessant vraagstuk. Op het spectrum zit ik aan die andere kant: Geen huis, geen meubelen, geen servies, geen auto (en rijbewijs), geen vast werk, geen vaste verblijfplaats, geen verplichtingen, nog minder spullen…
Wie is nu het meest vrij?
Ik leef al drie jaar uit een paar tassen. Ik kan mijn rugzak in vijf minuten inpakken en vertrekken. Zaterdag moest ik een training geven in de duinen, de nacht ervoor sliep ik in een duinpan en zag de zon in zee zakken en weer opkomen. Waarom sliep ik daar? George Mallory, Everest-beklimmer, zou antwoorden: omdat het kan! Net zoals hij de Everest beklom ‘because it is there.’
Ik zeg niet dat het het walhalla is, alles heeft voors en tegens, maar ik ontdek steeds meer de waarde van mijn levenskeuzes temidden van een maatschappij waarin zo leven weinig wordt gedaan. Ik raak steeds meer ‘los’ en vind het een fascinerende ontdekkingsreis wat het met mij doet en met anderen. Hoe los kun je raken? En dan?
Het was Seneca die constateerde dat degene met de minste spullen het meest vrij is. Als je steelt van een rijk persoon ervaart die persoon een verlies; van een mens met weinig spullen kun je niet stelen. Die persoon heeft daar geen zorgen over. Ik heb geslapen in bushokjes, op kampeertafels, in grasvelden, in duinpannen, onder veranda’s.
Soms krijg je op workshops de vraag met welk dier je je vereenzelvigt. De eenzame wolf, is een makkelijk antwoord. Een vriend zei me dat ik een kakkerlak ben. Maakt niet zoveel uit wat er gebeurt, ik trek mijn koers en kom er wel doorheen. Ik ben de kakkerlak. Ik heb niets nodig en ben tevreden met alles. Opmerkzame vriend.
Tegelijk ben ik niet ‘arm’, heb veel vrienden en familie, een fantastische opleiding, twee rechterhanden en een beresterk lijf. Mijn lot is volledig uitvloeisel van mijn keuzes. Ik ben het construct van een westerse consumptiemaatschappij en realiseer mij het lot van al die oorlogsvluchtelingen die volstrekt aan de grond zitten. Zij zijn slachtoffer; ik ben het product van mijn keuzes.
Vrijheid is complex. De mens is een vat vol tegenstrijdigheden, zo schreef Kierkegaard. Eenzelfde betoog schreef hij vast over vrijheid.
In 2021 rende ik naar Santiago, een reis naar binnen waarna ik mijn purpose eindelijk omarmde, avonturier zonder vaste verblijfplaats. Sindsdien heb ik niet meer een echte eigen plek gehad. Soms maakt het onrustig; Spanje, Zwitserland, Duitsland, Asperen, Amersfoort, Deventer, Wageningen, Leersum, Leiden.
Tegelijk hoor ik vrienden en vriendinnen over de onwaarschijnlijke tijdsdruk die ze ervaren. Kinderen op tijd op en naar school, kinderen naar de sport, zelf naar de sport, boodschappen, ketel kapot, naar de stort, administratie doen, kapper, tandarts, vuilstort, afwassen, sociale contacten, alles in een volle week geramd en dan 25 vakantiedagen.
Ik wil dat niet meer, heb het nooit gekund. Het is symbolisch, maar waarom om 18 uur de piepers op tafel? Waarom niet eten als je daar behoefte aan hebt? Zelfde voor slapen, of lezen, of lummelen, of werken?
Journalist Koen Haegens overleed bijna aan een scheur in zijn aorta en schreef het boek ‘Op zoek naar de Verstrooide Tijd’. Zijn inzichten monden uit in een pleidooi voor ‘toegewijde tijd’ (De Volkskrant 21 april). Het andere perspectief van overlijden heeft hem ongeduldiger gemaakt. ‘Ik wil niet meer uitstellen: als ik iets anders wil doen, dan moet ik nu veranderingen aanbrengen… Heb je het idee over zeeën van tijd te beschikken, dan jaag je die er met gemak doorheen – ik noem dat tijdinflatie: hoe meer uren ons ter beschikking staan, des te minder ze waard worden. Thomas Mann heeft dat mooi beschreven in ‘De Toverberg’. Het is een tijdloos menselijk iets. Blijkbaar heeft de mens een eindpunt nodig. De dood zie ik als een centrale bank, maar dan niet voor geld, maar voor onze tijd. Zij maakt de tijd krap waardoor we ons best doen er alles uit te halen.’
Ik moet erg denken aan de boeiende film In Time met Justin Timberlake waarin iedereen bij geboorte een hoeveelheid tijd krijgt, vertaald in een klokje op de pols en bij alles dat je doet loopt de tijd af. Het maakt dat je wel drie keer nadenkt over de vraag waaraan je je tijd wilt besteden.
De allerrijksten der aarde drijven met superjachten langs de Mediterraane kust. Ze steken elkaar de ogen uit met de l.o.a. – length over all, ofwel wie de langste heeft (boat that is). Hangen op hun boot terwijl alles is uitbesteed aan bemanning die buigt als knipmessen (waar is de privacy?).
Het lijkt mij verschrikkelijk, niks meer zelf doen, je afmeten aan anderen en zo hard moeten werken om die boot te kunnen financieren. Eén van mij dromen is om de wereld rond te zeilen op een groot zeiljacht. Er zijn websites waar ik me kan melden en kan aanmonsteren als bemanningslid. Staat nog in het bucketbook.
Momenteel ben ik op vakantie in eigen land. Na twee maanden rennen in Schotland mag ik even rusten en opladen in Nederland (middels werk) om vanaf 1 juli weer ruim twee maanden in Schotland te rennen. Het budget is er aardig doorheen en dat betekent dat ik nu helemaal vrij ben. Xfood en Expedition Foods steunen me met maaltijden, BYE! Nutrition is mijn partner in repen, via Surviking heb ik een Bergans-tent, GEARPOINT en Rab voorzien me van een mat en slaapzak en met een zuiveringspomp kan ik ruim 10.000 liter water drinken uit willekeurige sloten tijdens het wildkamperen. Ik verplaats me middels liften.
Ik kan maandenlang overleven zonder geld uit te geven. Dat voelt verrekte vrij al zullen heel veel mensen het totaal met mij oneens zijn. Ik dacht al niet na over spullen, vermeed winkels en kocht mijn spullen op Marktpkaats en Vinted. Maar als je echt geen geld meer hebt, geeft dat rust in je hoofd; je kan niks meer kopen, dus je hoeft er niet over na te denken. Ik kan en mag Spartaans van de Schotse natuur genieten en mijn dag vullen met sporten, denken, lezen en schrijven, mijn droombestaan.
Mijn droom is vast voor veel mensen een nachtmerrie. Het Volkskrantartikel vervolgt: ‘Zo veel geld hebben dat je zo weinig mogelijk zelf hoeft te doen, wordt door veel mensen als ideaal gezien, als de ultieme vrijheid zelfs.’ Voor mij klinkt het als een gevangenis, een doodsaai bestaan.
Ik ben geen filosoof. Vrijheid is wel een thema in mijn bestaan. Na 20 jaar onderprikkeld tussen vier muren opgesloten zitten onder de noemer onderwijs is vrijheid het woord dat ik op mijn voorhoofd zou laten tatoeëren. Als dat zou moeten. Maar gelukkig ben ik zo vrij om dat niet te doen. En ik kan het niet betalen.
Zomaar wat gedachtenspinsels over vrijheid…













Plaats een reactie